Het kind en ik

In het gedicht Het kind en ik, lezen we de herinnering van Martinus Nijhoff aan zijn jeugd. Over hetgeen hij wilde schrijven, maar nooit had geschreven. Een klassiek gedicht, met een oneindige houdbaarheid.

Het kind en ik

Het kind en ik

Ik zou een dag uit vissen,
ik voelde mij moedeloos.
Ik maakte tussen de lissen
met de hand een wak in het kroos.

Er steeg licht op van beneden
uit de zwarte spiegelgrond.
Ik zag een tuin onbetreden
en een kind dat daar stond.

Het stond aan zijn schrijftafel
te schrijven op een lei.
Het woord onder de griffel
herkende ik, was van mij.

Maar toen heeft het geschreven,
zonder haast en zonder schroom,
al wat ik van mijn leven
nog ooit te schrijven droom.

En telkens als ik even
knikte dat ik het wist,
liet hij het water beven
en het werd uitgewist.

— Martinus Nijhoff

Over Het kind en ik

Was het de onwil om te gaan vissen, die dag dat Nijhoff zich het kind herinnerde dat hij ooit was? Een beginnend schrijver misschien, maar nog onschuldig en aan het begin van zijn literaire carrière.

Het is een gekoesterde wens van veel dichters, om ooit nog iets te schrijven dat hen op een later moment zal verwonderen, ontroeren en misschien zelfs zal verbazen. Hetzelfde is van toepassing op de gedachten die Nijhoff ons voert met dit gedicht.

Is het de dichter gelukt om te zoeken naar waar hij op zoek naar was? Eigenlijk zocht hij naar het kind dat hij ooit was. Onschuldig, zuiver en in staat om te schrijven wat nooit eerder was geschreven. Het gedicht is een verlangen, terug naar die tijd. Zodra de onschuld weg is, begreep Nijhoff, was ook het schrift weg.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

By using this form you agree with the storage and handling of your data by this website.

%d bloggers like this: